Visvakanties Noorwegen - kaart zuid

Noorwegen - Skagerrakkloof Langesund
Hans Boersma
 
   
 
 
 


Skitt fiske (goede vangst) in Zuid-Noorwegen

Ter introductie:


Mijn naam is Hans Boersma en zoals vele sportvissers, ben ook ik mijn vissersleven begonnen in het zoete water en wel aan de vaart in Terwispel. Bij pake enbeppe voor het huis. Voorntjes, brasem, baarsjes en alles wat de maden en broodpluimpjes niet kon weerstaan, werd als welkome vangst begroet. Het spreekwoordelijke bloed kruipt echter waar het niet gaan kan en het moet met de loop der jaren groter en dikker. Via de kust- en wrakvisserij op de Noordzee, Denemarken, uiteindelijk vanaf 1997 terecht gekomen in Noorwegen. Na een tiental vistrips, tot op het eiland Sørøya, vlak onder de Noordkaap, is mijn favoriete stek de Skagerrakkloof voor de kust van Langesund. Een uniek visgebied, dat bij Noorwegen kenners als muziek in de oren zal klinken. Ik denk niet dat er een plaats in Noorwegen is waar zoveel records zijn gevestigd.

Najaar 2004

Het is zondagochtend 07.30 uur wanneer we de haven van Helgeroa verlaten richting de Skagerrakkloof. Ik ben te gast op ms Viento van Temahavfiske. Vlak zeetje. Windkracht 2-3, weinig stroom en een gezonde spanning, omdat je op de kloof nooit weet wat je tegen komt. Na een dik half uur geeft de GPS het signaal dat de stek is bereikt. De dieptemeter laat op 260 meter diepte een grote kom zien. Daarin een onderwaterberg met de top op 200 meter. Op en rond deze top wordt gevist. Wanneer het anker vaste bodem heeft gevonden, kunnen we gaan vissen. De hengel, 30-50 lbs, is voorzien van een reel, met daarop 22/100 Whiplash. Lijnapaciteit van 800 meter is minimaal.

De onderlijn montage bestaat uit een 24 cm grote runningboom, met daaraan een ongeveer 35 cm lange haaklijn. Lijn is voorzien van fluoriserende slang en een 6-8/0 haak. Boven de runningboom monteer ik op ongeveer 100 cm afstand nog een zijlijn. Eveneens voorzien van een stuk fluorslang en 6-8/0 haak. Op de haken komt een halve makreel (filet). Naar eigen idee en voorkeur wordt deze opgefleurd met, al dan niet fluoriserende rubberen inktvisjes.Afhankelijk van de stroom 500-750 gram lood. Het duurt enkele minuten voordat het lood de bodem raakt. De reel geeft geen lijn meer. Lijn strak en contact met lood en bodem zoeken. Paar slagen indraaien om de bocht uit de lijn te krijgen. Tik, tik. Rotsen, keien, steentjes, grind... in ieder geval een harde ondergrond. Harde droge tikjes op de top, geen modderbodem. Beter kan niet. Tik, tik, ik voel het lood stuiteren. Aas constant in beweging houden. Lood op de bodem voelen en de hengeltop een half metertje omhoog brengen. Je aas zweeft nu net boven de bodem. Deining van het schip helpt je een beetje, maar zaak is om je aas net boven de grond aan te bieden. Dus contact zoeken en tegelijkertijd vermijden met de steentjes. Op deze manier heb je een erg natuurlijke aasaanbieding en je houdt contact met je aas.



|  Hans met lom  |

Tussen het toch regelmatige ritme is daar ineens een andere weerstand. Vis? Top stil. Vastgelopen in vuil, planten? Er gebeurt niets. Toch wel. Paar felle tikken op de top. Hengeltop naar beneden. Duim op de spoel en de reel open. Weerstand vermijden. Tik, tik, tik, er wordt een meter of twee lijn van de reel getrokken. Duim dient alleen als rem om een pruik te voorkomen. Niets meer. Er gebeurt niks. Het spannendste moment tijdens de aanbeet. Even helemaal niets. Klein rukje. Ineens loopt de lijn weer een beetje. Tik. Tik. Paar felle rukken. Reel uit zijn vrijloop. Lijn strak laten lopen en met een goede haal de haak zetten. Top buigt ver door. Vrijwel onmiddellijk voel ik de mij inmiddels bekende harde bonken op de hengel. Al snel heb je in de gaten of het om groot, groter, grootst gaat. Kwartiertje later sta ik tevreden op het achterdek. Een leng van een 12,5 kilo, 128 cm. Mooie opwarmer voor, zoals later blijkt, weer een onvergetelijk visavontuur.



  |  Hans met brosme record  |

Vissen op deze extreme dieptes is erg speciaal. De Skagerrakkloof is een verschuiving in de aardkorst. Vaar je bijvoorbeeld vanuit Langesund of Stavern richting het zuiden, dan keldert de diepte, een mijl of tien uit de kust, van zo’n 70-80 meter bijna loodrecht tot dieptes van ruim 500 meter. Op de bodem van deze kloof bevinden zich weer bergen, rotsen, bulten en plateaus. Op de bergen en hellingen wordt gevist op dieptes van 200 – 250 meter.

Uitvalsbasis voor deze tripjes is meestal Stavern, onder de rook van Larvik. Net buiten Stavern ligt Brunvall Gård. Een appartementen complex vanwaar je binnen 10 minuten in de Haven van Helgeroa staat, de thuishaven van MS Viento, de boot van schipper-eigenaar Terje Nalum. Terje kent dit gebied op zijn duimpje en is één van de weinig volledig gecertificeerde schippers in het zuiden van Noorwegen.



 |  Hans met kabejauw van 130cm  |

Mijn medepassagiers zijn erg enthousiast, daar de eerste vangst binnen een half uur al gerealiseerd is. Schipper is blij. Nu eens niet: “Je had hier gisteren moeten zijn”. Het had afgelopen weken erg hard gewaaid en geregend en Terje was niet met zijn boot op het water geweest. Collega vissers die wel waren uitgevaren waren zeer teleurgesteld over de bar slechte vangsten. Mazzel dus. "Volgens mij heb ik ook beet", meldt een medevisser zich even later. Spanning of ongeduld, in ieder geval wordt er niet lang genoeg op de tweede run gewacht, en deze aanbeet gaat verloren. Voelen of er nog weerstand is, kan funest zijn voor deze visserij. Met name de grotere vissen, zeg maar 15 kilo + lengen, kunnen heel erg voorzichtig bijten. Bijna treiterig zuigen en sabbelen. Geduld wordt erg op de proef geteld. Een leerproces zo zal blijken, want na enkele mishits vangen ook mijn medepassagiers hun eerste diepzeebewoners.



|  Hans met blåkjeft record  |

"Stor fisk" (Stor = groot) roept Terje ineens. Zijn hengel buigt diep door en de Penn 4 geeft in een eerste run toch een meter of 10 lijn. Cruciale momenten in de dril. Ook hier is geduld het sleutelwoord. Spanning op de lijn houden en de vis eerst maar even laten uitrazen. Dit duurt niet heel lang en na een minuut of tien komt de leng zijn witte onderkant in zicht. Door het drukverschil treedt er gasvorming op en de vis begint in de laatste meters te drijven. Het eerste wat je dan ziet is onderkant van de vis. Een monster roepen de andere vissers. Na weging blijkt de leng 15,74 kilo en rond de 130 cm.



|  Mooie leng  |

Het weer blijft schitterend en we vangen erg goed. De mannen raken steeds enthousiaster. Ik hoor echter wel 10 keer deze dag, "Wat is die zee hier diep weet je niet een stekje op 10 meter diep waar deze vis zich ophoudt"?



|
  Lekker weertje  |

De nieuwe visdag ziet er weer grandioos uit. Blauw, zon enweinig wind. We gaan naar een stek waaronlangs dikke lommenzijngevangen. Aas is makreel en ik vis met de meest simpele onderlijn montage die je maar kunt bedenken. Twee zijlijntjes van een centimer of 30. Stukje fluoriserende slag en een haakgrootte zoals de meeste wrakvissers die gebruiken. Fladdertjemakreel en that's it.

We vangen goed en van een behoorlijke formaat. Diverse lommen, lengen en blauwkeeltjes. En dan gebeurt waarvoor we hier ieder jaar weer naar toe gaan. Een zware vis heeft toegebeten en niet van plan om het me makkelijk te maken. Vooral de eerste tientallen meters heb ik niet het gevoel de controle te hebben over de situatie. Harde bonken, stompen en runs zorgen voor trillende bovenarmen.

Denk ik dat ik de situatie meester ben, giert er weer een meter of vijf lijn van de reel en kan ik weer beginnen om de moeizaam gewonnen lijn opnieuw in te halen. Maar beetje bij beetje verdwijnen de meeste felle rukken en komt de vis naar boven. Het water is hier nog erg helder en in de diepte zie ik de witte flank van een grote lom verschijnen. Dit gaat ook nu gepaard met een enorm spoor aan luchtbellen. Door het grote drukverschil treed er gasvorming in de vissen op, en het laatste eindje komen ze dan ook als een dobber boven water. Ik besluit de vis zelf maar te gaffen en met nog een behoorlijke krachts inspanningtil ik de lom over de reling. Groot en meteen bekruipt me het gevoel dat deze vis wel eens dicht bij de record maten kon komen. Lengte is 103 cm. Later blijkt bij de officiele weging dat de vis 14,5 kilo weegt. Een nieuw Nederlands record.

Na deze lom ving ik een leng van een kilo of 9, en de tweede vis na de recordlom bleek een blauwkeeltje van 1,4 kilo. Eveneens een nieuw record. 12 jaar organiseren, testen uitvinden, noors leren, tijd investeren wordt binnen een uur beloond met twee potentiele nederlandse records. Super. Net als alle andere tripjes is ook deze “expeditie” naar Langesundweer heelspeciaal.



|  Kabejauw  |

Mijn aas heeft de bodem weer bereikt. Nog een beetje nadromend sta ik met m’n hengel in de hand. Een enorme dreun op mijn hengel. Niks voorzichtige aanbeet en tikjes. Bam hangen. Dit voelt anders. Blijft ook vechten tot aan de oppervlakte. Het blijkt een kabeljauw van 22 pond. In het zonnetje op het achterdek is de stemming goed. Hapje, drankje, biertje en een hoop lol. Ik mis een aanbeet en begin maar weer aan de zoveelste lange weg omhoog. Baitcheck. Het loopt naar het einde van de middag, dus nog een keer een verse koolvisfilet aan de haak.

Lijn verdwijnt weer in de diepte en het duurt lang voordat ik op de bodem ben. Het duurt even en dan is daar een droge tik. Nog een tik en in een reflex sla ik aan. Tegen mijn eigen regels van wachten op de tweede run, sla ik aan. Stom maar het is alweer gebeurd. Geen beweging. Even helemaal niets. Zou het lood tussen de stenen hangen? Dan begint de top door te buigen. Niet vast dus. Het aas is ergens tussen de kaken van een vis belandt, en deze heeft geenszins het idee om dit weer los te laten. Meters lijn worden in rukken en stoten van reel getrokken. Tussen het gekrijs van de altijd aanwezige meeuwen, hoor ik de slip van mijn reel gieren. Het is de vis die de dienst uitmaakt. Een aanslag op geduld en gestel. Wat een enorme kracht. "Dit is groot" roep ik de jongens toe.

Na enkele lange runs, begin ik wat grip op de situatie te krijgen. Het rukken en stompen word minder en veranderd in alleen maar zwaar. Heel zwaar. Meter voor meter pomp ik de vis omhoog. Heel af en toe verzet de vis zich nog, maar na een minuut of 10-15 heb ik het gevoel dat ik winnaar wordt van deze tweestrijd. De lijn begint echter gevaarlijk dicht onder de boot te trekken. De vis begint te drijven, echter door de stroom, komt deze boven aan de andere kant van de boot. En dan is het gevaar op lijnbreuk onder tegen de boot groot.

Terje is de eerste die hem ziet. Ik hoor diverse nieuwe noorse krachttermen. De vis moet nog een tiental meters naar de boot worden getrokken. Met een schurende lijn onder de boot door geen prettig klusje. Meter voor meter komt de vis, die ik nog steeds niet gezien heb, binnen gafbereik. Ik aan de ene kant van de boot, dubbel over de reling en de top onderwater om te proberen de lijn vrij van het schip te houden. Dan een vreugde kreet van de schipper. Met de gaf trekt hij de vis over de reling, en voor het eerst zie ik de vis. Leng. Wat een monster. Massief dikke rug en een enorm dikke kop. Een gigant. Mijn armen trillen en het zweet staat op mijn voorhoofd. Weegschaal geeft 21,23 kilo aan en het meetlint 155 cm. Waanzinnig. Weer zo'n speciaal moment in mijn lange zeeviscarrière. Een bevestiging waarom ik ieder jaar weer ga vissen in Noorwegen en dan het liefst op de Skagerrakkloof.

Op fisharoundtheworld.com staat nagenoeg alle informatie omtrent deze vorm van visserij.

Goede vangst gewenst
Hans Boersma

 
 

 

 




Disclaimer

Ontwerp en onderhoud door Zeevissport vzw     Copyright © 2005 - 2010 Zeevissport vzw.     Alle rechten voor behouden.    Laatst gewijzigd op: 02 jan 2010 10:21